HENK VAN LAMBALGEN

van Nederland naar Japan vanFrankrijknaarSpanje Marokko Ladakh BangladeshenNoordoostIndia.html van Nederland naar India Jordanie
VAN NEDERLAND NAAR JAPAN
OP REIS MET SAYOKO

(21 juli 2009 - 6 oktober 2010; 4.701 km)

overzichtpagina || verslag || foto's || van-dag-tot-dag schema's

KORT VERSLAG

Na 443 dagen op reis te zijn geweest zijn Sayoko en ik op 6 oktober thuis gekomen. Thuis is in dit geval het ouderlijk huis van Sayoko in Tokyo.
Na het eerste deel van de reis, over land van Nederland naar India, zijn we naar India gevlogen, op 22 mei 2010. Na ruim drie maanden in India te zijn geweest zijn we over land verder gereisd naar Nepal, Tibet en China. In Nepal hebben we nog een week gefietst, door de Terai, het vlakke laagland in het zuiden.
Vanuit Kathmandu zijn we naar Tibet gereisd en van daar per trein naar Beijing. De afstand tussen China en Japan hebben met een ferry overbrugd, van Tanggu (Tianjin) naar Kobe. De Shinkansen bracht ons van Kobe naar Tokyo waar we als afsluiting van de reis de laatste kilometers, van Tokyo Station naar het huis van Sayoko's ouders, fietsend hebben afgelegd.

De fotopagina is bijgewerkt met foto's tot en met het tweede deel van ons verblijf in India. Klik hier om naar de fotopagina te gaan.

Onze reis begon op 21 juli. Vanuit Ermelo zijn we over land naar Istanbul gereisd. We hebben het traject van Bratislava tot en met Belgrado fietsend afgelegd, ruim 900 kilometer. Van Ermelo naar Bratislava en van Belgrado naar Istanbul hebben we met trein en bus afgelegd. In Istanbul heeft familie van Sayoko ons opgezocht en samen hebben we tien dagen in Turkije gereisd.
Vanaf Istanbul hebben we een kleine 1.000 kilometer gefietst, tot voorbij Nigde aan de zuidkant van Cappadocië. Het traject daarna, tot Antakya (Hatay), hebben we met de bus afgelegd. We hebben van Turkije genoten. Het is een schitterend fietsland met mooie landschappen en een enorm gastvrije bevolking.

Van Antakya zijn we naar Aleppo in Syrië gefietst. In Syrië hebben we door regen niet veel gefietst. We hebben Ma'arat an-Numa'an, Serjilla en Hama bezocht en zijn vervolgens terug gekeerd naar Aleppo waar we onze fietsen hebben achter gelaten. Daarna zijn we met de bus naar Adana gereist om vandaar terug te vliegen naar Nederland voor een verblijf van drie weken in verband met een feestelijke familie aangelegenheid. Sayoko heeft in deze periode ook nog een Japanse vriendin in Milaan opgezocht.Eind november zijn we terug gekeerd naar Adana. Van Adana naar Aleppo hebben we een andere route gevolgd dan de eerste keer. Op deze manier konden we nog enkele plaatsen in het zuid-oosten van Turkije bezoeken: Sanli Urfa en Harran, Nemrut Dagi, Diyrabakir, Mardin en Nusaybin.
Vanuit Turkije arriveerden we in de Al Qamishle, een Kurdische stad in het uiterste noord-oosten van Syrië. Via Palmyra (Tadmor), Qala'at al-Hosn (Crac des Chevaliers), Tartus en Lattakia zijn we naar Aleppo gereisd vanwaar we onze reis naar Caïro hebben voort gezet. Voor we vertrokken heeft een bevriende fietsenmaker onze beide fietsen nog even een controlebeurt gegeven en bij mijn fiets zijn enkele onderdelen, die uit Nederland had meegenomen, vervangen.
Vanuit Aleppo zijn we via Damascus en Amman naar Jeruzalem gereisd. Kerstavond hebben we in Bethlehem door gebracht. We hebben een week in Jeruzalem door gebracht en hebben van daaruit ook de Palestijnse Gebieden bezocht.
Terug in Jordanië hebben we de belangrijkste toeristische plaatsen bezocht: Jerash, Madaba, Dana, Petra, Wadi Rum en Aqaba.
Na een lange tijd niet meer gefietst te hebben zijn we in Wadi Musa (Petra) weer op de fiets gestapt en hebben het traject naar Aqaba, via Wadi Rum gefietst: een flinke klim van Wadi Musa (Petra) over de Kingsway naar de Desert Highway. Vandaar was het voornamelijk afdalen naar Aqaba.
Vanuit Aqaba zijn we met de ferry overgestoken naar Nuweiba in de Sinaï, Egypte. Daar hebben we eerst een paar dagen aan het strand geluierd alvorens we op de fiets zijn gestapt en de tocht naar St. Catherine hebben gemaakt. Een mooie maar pittige tocht, van zeeniveau naar 1.500m. We hebben er twee dagen en een beetje over gedaan.
Na het bezoek aan het Sint Catharinaklooster, de beklimming van de berg Sinaï en een paar rustdagen zijn we naar de andere westkust van de Sinaï gefietst. Een gemakkelijke tocht omdat het één lange, geleidelijke afdaling was. Eenmaal aan de kust blies de wind ons hard in het gezicht en daarom hebben we een lift naar Suez genomen. Van Suez zijn we met de bus naar Caïro gereisd. In Caïro hebben we de ruim tijd genomen om de hoogtepunten van deze enorm grote stad te bekijken: uiteraard de pyramiden van Giza, het Egyptisch museum met de schatten van farao Tutankhamun, de bazar Khan al-Khalili en de al-Azhar moskee en koptisch Caïro.
Met de trein zijn we naar Alexandrïe gereisd. Hier stond ooit ook één van de wereldwonderen: de Pharos, een vuurtoren, maar daar is helaas niets van over gebleven. Vanuit Alexandrië hebben we een dagtocht gemaakt naar Rosetta (ar-Rashid), waar in 1799 een steen werd ontdekt waarmee het hiërogliefenschrift mee is ontcijferd.
Onze plannen kregen een andere wending door een bericht dat het met de oma van Sayoko niet goed ging. In plaats van naar Siwa af te reizen zijn we terug naar Tokyo gereisd. Na een verblijf van twee weken zijn we weer terug naar Egypte gevlogen om daar onze reis te vervolgen.
Met de trein reisen we zuidwaarts naar Luxor en Aswan waar we nog meer opgravingen uit het oude Egypte hebben bewonderd, zoals de Luxor en Karnak tempels en de tombes in de Vallei der Koningen in Luxor en de Philae tempel bij Aswan.

Voor we onze reis aanvingen hadden we vage plannen hoe we vanuit het Midden Oosten verder zouden reizen. We wilden naar India maar we wilden het niet helemaal over land doen, dat zou dan exact dezelfde reis worden als ik ruim 10 jaar eerder had gemaakt. We zouden vanuit Caïro naar India kunnen vliegen maar een andere mogelijkheid die we al in gedachten hadden was om verder zuidwaarts te gaan en dat betekent naar Sudan. Sudan staat niet erg goed bekend en sommige delen zijn niet veilig om naar toe te reizen maar een groot deel van Sudan is wel veilig. Wekelijks vaart er een ferry over het Nasser-meer van Aswan in Egypte naar Wadi Halfa in Sudan. Vanuit Wadi Halfa zijn we parallel aan de Nijl naar Khartoum gereisd. Dit hebben we deels fietsend gedaan, zo'n 450 km. De rest hebben we met een Duitse overland -truck en bussen afgelegd. Sudan bestaat voor een heel groot deel uit woestijn en ook het gebied tussen Wadi Halfa en Khartoum is een en al woestijn. Niettemin ligt er een asfaltweg die zich voor het grootste deel in uitermate staat bevond. Langs de Nijl bevind zich een groene vruchtbare strook met kleine dorpjes. De asfaltweg loopt echter meest van de tijd door de woestijn en een eindje van de Nijl en de bewoning af maar we diverse keren hebben deze dorpjes bezocht en hebben er ook overnacht.
Na een aantal dagen Khartoum zijn we met de bus naar Kasala, aan de grens met Eritrea, gegaan en vandaar zijn we naar Ethiopië gereisd.
In Ethiopië hebben we alleen de eerste kilometers gefietst, van de grens naar Shihedi. Vanaf daar zijn we verder gereisd per bus. Eerst hebben we het noorden bezocht: Gondar, Bahir Dar, Aksum en Lalibela. Het reizen met de bus was best wel zwaar: de wegen zijn slecht, vooral op het traject van Gondar naar Aksum en reisdagen zijn lang, de lange afstandsbussen vertrekken in het algemeen om zes uur 's ochtends maar je moet eigenlijk al om vijf uur op het busstation aanwezig zijn.
De bezienswaardigheden in het noorden zijn voornamelijk van culture aard, al zijn Gondar en Bahir Dar aardige stadjes in een mooie omgeving. De bezienswaardigheden in Aksum, pilaren met inscripties als belangrijkste trekpleister, rechtvaardigde de lange reis er naartoe niet al was de reis zelf wel weer de moeite waard.
Lalibela, met in de rotsen uitgehouwen kerken, was zeker wel de moeite waard en is één van de hoogtepunten in Ethiopië.
De hoofdstad, Addis Ababa, heeft niet veel te bieden. Omdat het centraal ligt hebben we hier toch de nodige tijd door gebracht om van daaruit tochten te maken naar Dire Dewa en Harar in het oosten en Arba Minch in het zuiden. We wilden eigenlijk verder het zuiden van Ethiopië in, naar de Omo-vallei, een gebied waar diverse stammen wonen maar door regen was de weg onbegaanbaar geworden.
Het traject van Nederland naar Ethiopië hebben we over land afgelegd, afgezien van de ferries die we genomen hebben. De reis naar onze volgende bestemming, India, hebben we met het vliegtuig gemaakt.

Sayoko en ik waren al diverse keren in India geweest en al voordat we de reis begonnen was het duidelijk dat we naar India wilden.
In India zouden we twee maal bezoek krijgen, de eerste maal van een vriendin van Sayoko, Naoko, de tweede maal van een neef van mij, Sander. Voor de komst van Naoko hadden we ongeveer drie weken waarin we een uitstapje maakten naar Hardiwar, Rishikes en het in de Himalaya gelegen hinduïstische pelgrimsoord Badrinath. Met Naoko maakte we een rondje van Delhi naar Jaipur, Bharatpur (met het natuurpark Keoladeo Ghana), Agra, Varanasi en terug naar Delhi.
Na het vertrek van Naoko vertrokken Sayoko en ik naar het noorden van India, de bergen in. De zomermaanden zijn de beste periode voor een bezoek aan Ladakh, gelegen aan de andere kant van de Himalaya en over land alleen te bereiken over wegen die het grootste deel van het jaar afgesloten zijn vanwege sneeuw en ijs. Zowel op de heen- als terugreis verbleven we een aantal dagen in het mooi gelegen Manali.
In Ladakh verbleven we in Leh, de hoofdstad van het gebied. Vanuit Leh maakten dag- en meerdaagse tochten. We bezochten diverse buddhistische kloosters in de omgeving en maakten meerdaagse tochten naar het Pangong meer en de vallei van Dha. Tijdens de terugreis naar Manali bezochten we ook de meren Tso Moriri en Tso Kar.
Na onze terugkomst in Delhi kwam mijn neef Sander ons opzoeken. Met hem maakten we ongeveer dezelfde reis als met Naoko maar we bezochten ook Amritsar, met de Gouden Tempel, en Dharamsala.
Na terugkomst in Delhi keerde Sander huiswaarts, Sayoko en ik reisden verder naar Kolkata (Calcutta), waar we elkaar in 2003 voor het eerst hadden ontmoet.
Met de trein reisden we vervolgens naar New Jalpaiguri/Siliguri. Ongeveer 4,5 maand hadden we niet gefietst. In Siliguri stapten we echter weer op de fiets en al fietsend bereikten we de vlakbij gelegen grens met Nepal. Het zuiden van Nepal, de Terai, is vlak en een mooi gebied om te fietsen. In 6 dagen fietsen en een half dagje "bussen" kwamen we in Sauraha, gelegen bij het Chitwan National Park, een natuurpark waar neushoorns in het wild leven. Tijdens een "safari" hebben we er een paar gezien.
Van Sauraha zijn we in een halve dag naar Mugling gefietst. Mugling ligt aan de route van Kathmandu naar Pokhara en om daar te komen vanuit Sauraha moet een eerste bergkam worden door gestoken. Deze route volgt een rivier en kent nauwelijks hoogteverschil. Ondanks dat het een redelijk drukke route is, is het wel een erg mooi traject. Van Mugling naar Kathmandu namen we een bus.
Ons aanvankelijke plan was om zo veel mogelijk over land te reizen. Vanuit Nepal zouden we dan via Tibet naar China reizen. Individueel van Nepal naar reizen Tibet reizen is door Chinese regelgeving niet mogelijk en in eerste instantie vonden we alleen maar dure georganiseerde reizen. We waren dan al snel van ons plan afgestapt om Tibet te bezoeken. Niettemin wilden we wel naar China, ook al zouden we dan moeten vliegen, tenslotte, als we niet naar Tibet zouden gaan dan zouden we onze reis altijd per vliegtuig moeten vervolgen. We hadden onze visumaanvraag voor China al ingeleverd toen we op een goedkope georganiseerde Tibetreis werden geattendeerd. Ook vliegen zou duur uitvallen omdat de fietsen als gewone bagage gerekend zouden worden, waarmee me ruim over het toegestane gewicht zouden komen en het overgewicht zou de vlucht alsnog duur maken. Nog geen uur nadat we de Chinese ambassade hadden verlaten waren we er terug om onze paspoorten terug te vragen. Vervolgens boekten we de georganiseerde tour naar Tibet. De laatste keer dat ik in Tibet was, in 2007, waren de Chinezen nog druk bezig met het asfalteren van de Friendships Highway, de weg van Lhasa naar Nepal. Toen was het nog gebruikelijk om met "jeeps" (Land Cruisers) te reizen. Inmiddels was de weg volledig geasfalteerd en kon de reis volledig per comfortabele bus gemaakt worden. Alleen op het traject van Kathmandu naar de bus moesten we twee keer van vervoersmiddel wisselen omdat de weg door aardverschuivingen was geblokkeerd. We maakten de reis in een groep met in totaal 34 deelnemers en met een gids. In vijf dagen reisden we van Kathmandu naar Lhasa met tijd voor sightseeing in Shigatse en Gyantse en met een omweg langs het Yamdrok meer. In de tour waren twee dagen voor Lhasa gepland, een langer verblijf was door de Chinese regelgeving niet mogelijk. We vervolgden onze reis per trein naar Beijing, een reis van ongeveer 48 uur.
In Beijing hadden we een bijna een week de tijd. We wilden namelijk met de boot van China naar Japan, van Tanggu (Tianjin) naar Kobe en die boot vertrekt maar één keer per week, op maandag. Wij arriveerden op een maandag met de trein in Beijing.
Tanggu ligt op zo'n 200 kilometer van Beijing en dit traject legden we per bus af. De bootreis duurde ongeveer 53 uur.
Tot en met Nepal waren de fietsen nauwelijks een probleem geweest tijdens het reizen per openbaar vervoer. In het laatste deel van de reis was het echter steeds onduidelijk of en hoe de fietsen mee konden. Gelukkig was het telkens wel mogelijk maar dat werd vaak pas op het laatste moment duidelijk. Ook in voor het traject van Kobe naar Tokyo was het niet helemaal duidelijk of de fietsen geaccepteerd zouden worden. De beste kans leek ons de Shinkansen, de hoge snelheidstrein. Zo legden we het laatste lange traject van onze reis in sneltreinvaart af. De echte laatste kilometers legden we af in stijl, op de fiets dwars door Tokyo. 443 dagen na ons vertrek vanuit Ermelo arriveerden we op onze bestemming.

klik hier voor de overzichtspagina van deze reis
klik hier voor foto’s van deze reis
klik hier voor de van-dag-tot-dag schema's van deze reis







terug naar boven

© 2011 Mijn-eigen-website.nl